Liefdevol omzien naar stilgeboren kindjes

21 januari 2019

Liefdevol omzien naar stilgeboren kindjes
Een wit ledikantje met frisgewassen lakentjes en een wit hemeltje. Het stond al ruim voor de uitgerekende datum – 05-11-2013 – op hem te wachten. Eén nachtje heeft baby Phéron erin gelegen. De laatste nacht voor zijn afscheid. Phéron heeft alleen in de buik van zijn moeder geleefd, hij is een stilgeboren kindje. Zijn ouders, Paul Struik (31) en Sharon Gajadin (32) uit Sneek, hebben ter nagedachtenis aan hem Stichting Phéron opgericht met als voornaamste doel andere ouders van stilgeboren kinderen te ondersteunen en hen te helpen herinneringen te maken.

In de laatste minuten van het samenzijn met hun zoontje, voor het aardse afscheid, keken Paul en Sharon elkaar aan. Ze wisten: we hebben nu twee keuzes. Of het leven lacht ons nooit meer toe of we maken er nog iets moois van, omdat Phéron geen verdrietige ouders zou willen hebben. ,,Dat laatste hebben we aan elkaar en aan Phéron beloofd”, vertelt Sharon. ,,De gedachte dat hij alleen op de wereld was gekomen om intens verdriet en gemis achter te laten, was ondraaglijk.” Niet dat het verdriet weg is, dat is nooit weg. ,,Maar we hebben ervaren dat geluk en verdriet naast elkaar kunnen bestaan.”

Zeventien waren ze toen ze elkaar ontmoetten op het schoolplein. De vonk sloeg over en bleef. Ze gingen samenwonen, trouwden – hij vroeg haar op een Oostenrijkse berg ten huwelijk – kochten een woning en hadden een goede baan. En wat ze zo graag wilden: Sharon raakte zwanger. Het kon niet op.

De zwangerschap verliep voorspoedig. Geen last van kwaaltjes en energie voor tien. Net als de meeste jonge ouders bereidden ze zich voor op het ouderschap. Het babykamertje werd klaargemaakt, ze plaatsten vrolijke foto’s op Facebook en Sharon las alles wat los en vast zat over zwanger zijn. Op één hoofdstuk na. Het laatste, over dat het ook kan misgaan. Dat sloeg ze steevast over.

De verlofperiode was aangebroken. Paul en Sharon waren bij haar ouders aan het eten toen de eerste weeën kwamen. De volgende ochtend sloeg de nesteldrang nog even volop toe. Paul ging stofzuigen en Sharon – goed voorbereid als ze is – zette de eettafel vast klaar met lekkers en hing de kroonluchter vol ballonnen. Blauwe. ,,Ik dacht: yes, ik mag ons kindje straks ter wereld brengen, dat wil ik in alle vreugde doen.”

Rond het middaguur kwamen de weeën om de twintig minuten. Om drie uur had ze er eentje van liefst twaalf minuten. ,,Ik had pijn, maar ik dacht: doorzetten. Alle moeders hebben weeën.” Paul was ongeruster. Die vond het veel te heftig en wilde de verloskundige bellen. ,,Doe maar niet. Dat mag pas als je weeën om de vijf minuten hebt, zei ik nog. Uiteindelijk heeft hij toch gebeld.”

Links bleef het stil

De verloskundige onderzocht eerst Sharon. Haar bloeddruk en lichaamstemperatuur waren prima in orde. ,,‘Geef maar aan waar je het hartje van je kindje altijd hebt gehoord, dan ga ik even luisteren’, zei ze. Phéron lag de laatste zes weken in dezelfde houding in mijn buik, dus ik wist precies waar zijn hartje zat. Links.” Maar links bleef het stil. Ook rechts bleef het stil.

De verloskundige luisterde nog een keer. Op het moment dat ze meer gel op de buik aanbracht, zag Sharon de angst in haar ogen. ,,Ik zag haar denken: waarom lukt het niet? Toen kreeg ik voor het eerst een onbestemd gevoel.’’ De verloskundige ging opnieuw heen en weer met de doptone en ineens was daar heel in de verte een hartslag te horen. Een sprankje hoop. Maar het bleek die van Sharon zelf te zijn.

Kun je een andere echo maken, is er écht geen hartactiviteit meer?

Vervolgens ging alles in een stroomversnelling. De verloskundige spurtte naar beneden om het ziekenhuis te bellen. De honden begonnen te blaffen – wat ze nooit zomaar doen. En Sharon kreeg kippenvel, van haar kruin tot haar tenen. ,,Toen voelde ik: dit is niet goed.”

Ze reden over de rondweg, op weg naar het ziekenhuis. Een rit tussen vrees en hoop. Sharon kreeg een berichtje van haar zusje: ‘Het komt wel goed, Shar’. Op dat moment passeerden ze het crematorium, net nieuw. ,,Ik dacht: Nee, het komt niet goed.”

In het ziekenhuis stond een heel team klaar. Sharon was rustig, alsof het niet echt was bijna. Ze hoorde de gynaecoloog tegen de verloskundige fluisteren: ‘Heeft ze wel door wat er aan de hand is?’ ,,De gynaecoloog ging meteen aan de slag. Na een lange stilte zei ze ineens: ‘Het hartje klopt niet meer’.” Paul moest meteen huilen, bij Sharon kwam alle moederdrift naar boven. Ze ging in de vechtstand. ‘Kun je een andere echo maken, is er écht geen hartactiviteit meer?’, vroeg ze de gynaecoloog. Een tweede echo volgde. Ook nu was de boodschap de verdrietigste die een zwangere vrouw kan horen: het hartje klopt niet.

Vertederde blikken

Het ziekenhuis adviseerde eerst naar huis te gaan en terug te komen wanneer de weeën sneller achter elkaar kwamen. ,,Daar liep ik door het ziekenhuis, mijn dikke buik. Ik kreeg vertederde blikken. Mensen zagen een hoogzwangere vrouw. Niet wetende wat wij wisten. Ik droeg geen leven, ik droeg de dood.”

Thuis stapte Sharon onder de douche. ,,Het water gleed over mijn buik. Drie uur eerder stond ik hier met het euforische gevoel dat ik moeder zou worden. Nu stroomde het water op dezelfde manier over mijn buik, maar voelde ik een intens verdriet.”

Paul zat op de badrand, in zijn hoofd was hij al met het verlies bezig. Sharon was juist heel erg in het hier en nu. ,,Ik moest nog bevallen van Phéron. Dat wilde ik heel bewust doen. Ik heb hem negen maanden met liefde onder mijn hart gedragen, ik wilde hem met een nog grotere liefde op de wereld zetten. Ik wist, wij krijgen geen geluk maar verdriet bij zijn geboorte, maar ik voelde mij sterk. Ik wilde hem beschermen en de regie in eigen hand houden. Alles wat we nu nog met hem zouden meemaken, zou onze herinnering vormen. Dat stond voor mij voorop. Ik wilde niet al met het aardse afscheid bezig zijn. Hij zat nog in mijn buik.”

,,We gaan er een mooie week van maken, beloofde ik Phéron. Elk moment wilde ik onthouden, ik voelde me zo’n eenheid met hem. Paul snapte dat. We moeten nu sterk zijn, zei ik. Eerst bevallen en onze zoon ontmoeten. Daarna mogen onze emoties de overhand nemen.”

Een sprankje hoop

’s Avonds gingen ze terug naar het ziekenhuis. In de nacht viel het Sharon ineens in: wat als ze het mis hebben? Misschien leeft hij toch nog. Weer een sprankje hoop. ,,Pas als ik hem zelf had gezien en gevoeld, zou ik geloven dat hij was overleden.”

De volgende ochtend op 5 november 2013 om vier minuten over elf werd Phéron geboren. Een prachtig, volmaakt kindje. ,,Het enige wat hij nog hoefde te doen, was ademen. Ik werd verscheurd door twee emoties. Aan de ene kant was ik trots. Ik was moeder! Tegelijk was ik zo enorm verdrietig. Waarom adem je niet? Waarom adem je toch niet?”

Ze wilde Phéron meteen tegen zich aan, hem omarmen en knuffelen nu hij nog zo lekker warm was. ,,Een uur en een kwartier heb ik zo met hem gezeten in de wetenschap dat ik straks een leven lang zonder hem moest. Het noodlot had toegeslagen, de dood is onomkeerbaar.”

We waren trots. We wilden iedereen onze prachtige zoon laten zien.

Via het ziekenhuis kwam iemand van Stichting Make a Memory langs om foto’s van Phéron te maken. ,,Ik twijfelde of ik dat wilde, we hadden zelf al veel foto’s gemaakt vanaf de geboorte. Uiteindelijk hebben we het toch gedaan. Achteraf zijn we er heel mee, ze zijn een mooie herinnering aan Phéron.”

Via een achteruitgang verlieten ze ’s avonds het ziekenhuis. Sharon in een rolstoel, Paul liep achter haar aan met in zijn handen mandje met onder een wit lakentje hun eerstgeborene. ,,Het was zo intens. Wat heb ik toen gehuild. Ik dacht, als ik straks de auto instap, is het eerste liedje dat ik op de radio hoor van Phéron. Iets wat hij tegen ons wil zeggen.”

If I could, I would stay (Als ik kon, bleef ik) van Krezip klonk het. ,,Bedankt, zei ik tegen Phéron. Bedankt dat je had willen blijven als je dat had gekund.”

Weer kwamen ze langs het crematorium. Waar ze eerder nog tussen vrees en hoop leefden, was die vrees nu definitief geworden. ,,Dat ik daar mijn eigen kind naartoe zou moeten brengen, dat had ik nooit gedacht.”

Omringd door knuffeltjes

Thuis hebben ze Phéron eerst het hele huis laten zien, zodat hij overal in huis zou zijn geweest. Ze legden hem in zijn box, in de woonkamer. Omringd door knuffeltjes. ’s Nachts sliepen ze bij hem. Wie wilde, was welkom. ,,We waren trots. We wilden iedereen onze prachtige zoon laten zien. Mensen mochten Phéron ontmoeten en afscheid nemen.’’

In die dagen hebben ze voor hem gezorgd. Ze gaven hem kusjes, aaiden over zijn wangetje, praatten tegen hem en trokken zijn mutsje recht. Ze maakten foto’s, veel foto’s en video’s. Alles wat alle kersverse ouders doen.

De laatste dag voor zijn crematie wilden ze alleen met hem zijn. Geen bezoek meer. Ze schreven beiden een brief aan hun zoon. Ze bedankten Phéron dat hij hen ouders had gemaakt. Hij zou altijd hun eerste zoon zijn, schreef Paul. En mocht hij ooit een broertje of een zusje krijgen, mogen die dan met jouw speelgoed spelen?, zo vroeg hij aan zijn zoon. Want zo gaat dat in gezinnen: als je met het speelgoed van een ander wilt spelen, hoor je dat eerst te vragen.

Die laatste nacht thuis sliep Phéron in zijn eigen bedje – een familieledikantje. Zijn huidje was nog kwetsbaarder geworden. ,,Het was echt tijd om afscheid te nemen.” In zijn mandje, door zijn oma liefdevol opgemaakt met bloemen, legden ze verfafdrukken van hun handen, die van zijn nana (opa), oma, tantes en oom, en de pootafdrukken van de honden. Erin legden ze Phéron, gewikkeld in een zacht, wit dekentje. ,,We vonden het een nare gedachte dat hij de reis naar boven alleen moest maken. Nu droegen we hem symbolisch mee omhoog.” Om het mandje knoopte Sharon een kanten strik uit haar trouwboeket. ,,Wat zag hij er lief uit. Een prachtige engel…”

Op 11 november – de uitgerekende datum – om vier minuten over elf – het tijdstip van geboorte – was de crematie van Phéron. Een intiem afscheid. Het liedje Somewhere over the rainbow werd voor hem gedraaid. ,,We wilden hem hoop en vertrouwen meegeven.” Daar, bij zijn mandje, besloten Paul en Sharon ook dat Phéron niet alleen verdriet kwam brengen, maar vooral liefde.

Letterlijk hartenpijn

In de eerste week was er leegte. Alle zingeving was weg. Sharon had letterlijk hartenpijn. Ze ging op zoek naar informatie over babysterfte. Ze schrok van de cijfers die ze tegenkwam. Vier keer per dag overlijdt er een baby voor, tijdens of na de geboorte. En dan gaat het alleen nog maar om de baby’s vanaf 22 weken zwangerschap.

Ze zocht contact met lotgenoten via Lieve Engeltjes en sprak daar met ouders die om uiteenlopende redenen geen herinneringen aan hun kindje hadden gemaakt. Sharon ontdekte dat op dit gebied een wereld te winnen viel. Vier weken na het overlijden van Phéron zei ze tegen Paul: ,,We gaan iets doen voor die ouders, wij zijn daar krachtig genoeg voor.”

In 2014, op Phérons eerste verjaardag, richtten ze Stichting Phéron op. Ze begonnen vanuit het zolderkamertje, zoals dat dan gaat. Ze organiseerden lotgenotenbijeenkomsten en Sharon ging langs zorginstellingen om haar ervaringen te delen. In 2016 maakten twaalf ziekenhuizen in Nederland gebruik van de zogeheten Phéron Memory Box, met daarin handvatten om herinneringen te maken: zoals klei voor een voet- of handafdrukje, een kokertje voor een haarplukje, een fotolijstje, een handgemaakte knuffel, gemaakt door een van de – inmiddels achttienhonderd – vrijwillige hakers.

Tegenwoordig reikt Stichting Phéron in samenwerking met dertig ziekenhuizen, waaronder de Friese, deze vorm van nazorg aan. Sharon is de drijvende kracht achter de stichting, ze houdt zich met diverse vrijwilligers bezig met de algehele organisatie: het voorlichten van ouders en betrokkenen, het steunen bij babyverlies, het creëren van (h)erkenning van de impact ervan, het delen van kennis door scholing en het werven van fondsen.

Sinds april vorig jaar heeft de stichting een eigen plekje aan het Kleinzand in Sneek. Vandaaruit wordt nu gewerkt. Het is de bedoeling dat het pand een inloopfunctie krijgt. ,,Niet dat mensen nu niet welkom zijn, hoor’’, haast Sharon zich te zeggen. Geregeld stapt er iemand binnen. ‘Steun bij babyverlies’ staat ook op de vlag.

Oudere generaties

Ook ouderen stappen over die drempel. ,,Vroeger was babyverlies een taboe, er werd niet over gesproken. Ouders mochten hun kindje vaak niet zien want dat zou niet goed voor ze zijn, werd dan gezegd. De kindjes werden na de geboorte meteen gescheiden van hun ouders, sommigen wisten niet eens of ze een jongen of een meisje hadden gekregen. Voor die generaties geldt vaak dubbel verdriet: en ze zijn een kindje verloren en ze mochten er niet over praten.”

Graag zou ze die oudere generaties meer bereiken met haar stichting. Bijvoorbeeld door iets in verzorgingshuizen te kunnen betekenen, denkt ze hardop. ,,Juist in die laatste levensfase ga je je leven overdenken en komt er ruimte voor bezinning en diepgeworteld verdriet.”

Een taboe is het niet meer zozeer, maar nog steeds is babyverlies een onderwerp waarbij mensen zich niet comfortabel genoeg voelen om over te praten. ,,Dat komt ook omdat niet iedereen goed beseft wat de impact van het verlies van een kind is.”

Drie jaar geleden kregen Paul en Sharon hun tweede zoontje. Tijdens die zwangerschap namen ze zich voor: wij hebben op dit kindje gewacht, wij mogen nu niet angstig zijn, wij moeten dit kindje nu alle liefde laten voelen. Opnieuw werden ze ouders. Opnieuw waren er tranen. Maar nu ook van geluk. ,,Wat waren we blij met de komst van Phyllon, maar tegelijk was er het verdriet om onze oudste zoon.”

Phéron blijft als een rode draad door het leven van het gezin gaan. ,,Als je je ouders verliest, verlies je een verleden. Als je je partner verliest, verlies je een heden maar als je een kind verliest, verlies je een toekomst. En dat gemis komt altijd terug, in alles wat je doet.”

Erkenning

Vanaf 3 februari van dit jaar wordt het voor ouders mogelijk om hun levenloos geboren kind te registeren in de Basisregistratie Personen (BRP). De Eerste Kamer stemde eind vorig jaar in met een wetswijziging om dit mogelijk te maken. De nieuwe wet, die met terugwerkende kracht ingaat, is het gevolg van een breed gesteund initiatief van ouders van een doodgeboren kind. Zij zien de opname van hun kind in de Basis Registratie Personen van de overheid als een vorm van erkenning.

Stichting Phéron is afhankelijk van donaties, giften, sponsoring en bijdragen uit fondsen. Voor meer informatie of hulp http://stichtingpheron.nl/

Bron: Friesch Dagblad 
Auteur: Jitske Leidelmeijer
Foto: Niels de Vries

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *